Cursus
vrij vertellen
Iedereen
weet dat goede voordracht geleerd moet worden. Acteurs besteden
ontelbare uren aan het zich eigen maken van teksten. Maar ook vrij
vertellen, waarbij je geen tekst uit het hoofd leert, vraagt
aandacht. Het heeft de spontaniteit van dansen en zingen. Maar net
als dansen en zingen, kan het ook verbeterd worden.
Waarom zou je eigenlijk kiezen voor vrij vertellen als je,
veiligheidshalve, een verhaal - of toespraak - ook van buiten kunt
leren, zodat je niets vergeet en geen fouten maakt? Maar in mijn
mediatrainingen leerde ik zelf, dat sprekers met van buiten geleerde
teksten een saaiere indruk maken. Voor vertellers is dat nog meer
het geval: het lijkt of het hen niet om de toehoorders gaat! Zeker,
goede beroepsacteurs kunnen zich een tekst die nu eenmaal
‘letterlijk’ moet eigen maken, dat het echt en levend overkomt; maar
woordvoerders die alleen maar ‘alles op een rijtje hebben’
overtuigen over het algemeen niet, net zo min als ‘declamerende’
vertellers. De luisteraar raakt pas geboeid, of betrokken bij
woorden die, op het moment van spreken of vertellen, uit het
hart komen, niet alleen uit het hoofd.
WERKEN
AAN EIGEN RÉPERTOIRE
We leren
om vrij te kunnen vertellen vanuit ons meest autentieke materiaal,
en dat is: alles wat we zelf beleven. Verder zitten in onze
innerlijke bagage ook natuurlijk allerlei verhaalresten uit de verteltradities. Mensen die zeggen ‘ik ken geen verhalen’ bedoelen
meestal dat ze met die resten niet voor de dag durven komen. In de
cursus leren we vertrouwen op die flarden herinnering, en ze door
toevoeging van onze beleving tot een ‘gestalt’ maken. Daarbij helpt
een derde onmiskenbnare bron waar verhalen vandaan komen: onze
fantasie! Kortom, het is ‘répertoire’, waar je op leert
vertrouwen als op een data-base. Je schatkamer van binnen.
Leren te
kiezen en te ordenen is daarbij wél van belang. Daaraan werken we in
deze cursus, met als doel dat het prettig wordt om naar jou te
luisteren.
AANDACHT
VRAGEN, EEN KWETSBARE KUNST
Kan
iedereen vertellen? Er is verschil in aanleg en ervaring; maar toch,
in ieder mens schuilt een verteller. Waarom ‘schuilt’ die? Mijn
idee: we zijn huiverig om ons bloot te geven als er slecht wordt
geluisterd. Anderzijds willen we ook niet het hoogste woord, of ons
naar voren dringen. Terwijl in verlegen of bescheiden mensen
vaak de beste vertellers schuilgaan. Wij oefenen ons daarom in de
kwetsbare kunst van het aandacht vragen. Door improvisatie
vinden we de moed om voor de dag te komen: we maken een innerlijke
ruimtereis, en vertellen wat we onderweg meemaken...
STAPPEN
IN DE CURSUS
-
Verteltechniek. Contact maken en onderhouden met
-
het
verhaal,
-
met
jezelf en
-
met de
luisteraars.
-
Hoe werk
ik het beste met mijn persoonlijke gegevens als stem en
lichaamstaal?
-
Hoe gaan
we om met vertellen in een haastcultuur?
-
Iets
over toegepast vertellen in onderwijs, bedrijf of therapie (verdere
uitwerking van dit onderdeel vergt een vervolgcursus).
-
Soorten
of genres herkennen (idem).
-
Vertellen voor bepaalde groepen of categorieën, zoals kinderen of
ouderen (idem).
OPSTARTEN
VERTELKRING
Het is
mogelijk om met de cursusgroep te overleggen over de opstart van een
vertelkring in elkaars huiselijke omgeving.
BEGELEIDING BIJ EEN VERTELOPTREDEN
Begeleiding bij een optreden kan vanuit de cursus geboden worden.
DUUR
De
cursusgroep kiest voor de duur van vijf tot tien sessies en daarmee
voor welke stappen vooral aan bod moeten komen.
VERTELTIPS
-
Leg een
verhalenschrift aan waarin je in eigen woorden (korte zinnen
en trefwoorden) verhalen vastlegt (niet overschrijft) die je leuk
lijken om te vertellen.
-
Als je
dat ligt, maak er tekeningen bij, of tekens en symbolen die het
verhaal bij je oproept.
-
Kies uit
‘drie bronnen' je verhalen: verhaalresten (bijv.: sprookjes);
anekdotes uit je leven (je familie); fantasieverhalen.
-
Je kunt
ook een verhalenkabinet aanleggen, bijvoorbeeld op een plank
in je kast, met foto’s (“ach ja, die foto”), prentbriefkaarten en
voorwerpen waar een verhaal aan vast zit.
-
Verzamel
in eerste instantie korte verhalen.
-
Bewaar
verhalen die sterke emoties bij je oproepen voor veilige situaties
(meestal zijn die er pas in een vertelgroep die wat langer bij elkaar
komt).
-
Kies
‘laagdrempelige’ situaties (bijvoorbeeld je verjaardag) om elkaar
uit te nodigen korte verhalen uit te wisselen.
-
Bewaak
dat wie dat graag wil ook aan bod komt (even rust na ieder verhaal).
-
Waardeer
elk verhaal, het is een gift. Begin niet met kritiek, dat komt in in
een latere fase.
-
Kom je
inderdaad bij elkaar om te gaan vertellen, stel dan een vertelthema per keer voor, bijvoorbeeld: je eerste schooldag of:
hoe was de eerste ontmoeting met een van de anderen uit je groep?
-
Luister
doorgaans meer naar anderen (thuis, in de winkel, bij de pomp, in
vergaderingen), dan dat je zelf aan het woord bent. Je oogst elke
dag verhalen!